"Wat nou, gezeur over leeftijd," zei ik. "Ik ben nog een jong gebakje."
"Geestelijk wel, mama," zei het Bijzondere Kind.
Varia
11 maart 2010
Mijn Senseo-apparaat dat al een jaar op halfelf loopt, is nog steeds niet overleden, het kreng.
Ik kon naar het Boekenbal maar ging niet.
Ik ging in 5 dagen tijd twee keer uit in Utrecht en overweeg nu er maar een flat te kopen vanwege de reis elke keer.
Ik heb nog steeds de barst in mijn autoruit niet laten maken.
Toen ik las over de Gerda dacht ik dat de moeder van Jan Smit een glossy had gekregen. (Alsof ik weet wie Jan Smit is.)
Ik dronk mijn eerste wijntje op een terrasje.
Ik at een veel te hete bitterbal en heb nu spijt.
Ik hoorde via livestream hoe Van Rhoon bij zijn beëdiging als raadslid voor PVV in Almere zei: "zo waarlijk helpe mij God."
Ik kocht een knalrode laptoptas.
Ik ontmoette fantastische nieuwe mensen.
Ik schreef een blogje dat geen blogje is.
Vrouw
8 maart 2010
Mensen, het is vandaag Internationale Vrouwendag. Dat is net zoiets als Secretaressendag maar dan ook voor mij. Het is natuurlijk zo ongeëmancipeerd als de neten, maar vandaag doen wij daar niet moeilijk over. Ik dan.
Ik kan de mannen nu natuurlijk gaan vertellen wat ze zouden kunnen doen om vrouwen, die fantastische wezens, op deze dag extra in het zonnetje te zetten, maar dat ga ik natuurlijk niet doen; niet in de laatste plaats omdat de mannen die deze weblog frequenteren nogal van het hakkerige en beukerige zijn. Op Internationale Vrouwendag kijk ik wel link uit me hun hoon op de hals te halen. Dat onverbloemde commentaar is natuurlijk voor morgen.
Goed. Ik ben heel benieuwd, wacht kalm af. Spannend.
Barst
4 maart 2010
Er zit een barst in mijn voorruit. Al een tijdje. En het interessante van de hele kwestie is dat ik hem zelf pas zag nadat mijn man me er een sms'je over stuurde: 'Je hebt een barst in je voorruit!'
Inderdaad zeg. En nu ik erover nadacht, ik had inderdaad een dag of vier daarvoor een opdringerige tik waargenomen tijdens het rijden. Maar ook niet meer dan dat.
Goed. Ik heb dus dagenlang rondgereden zonder die barst op te merken. Dat biedt perspectieven. Wie voorbij een barst van zo'n twintig centimeter kan kijken naar de dingen die er werkelijk toe doen, is iemand die zich niet zo snel door details laat afleiden. Dunkt mij.
Almere
28 februari 2010
Nederland kijkt en wijst naar Almere. Deze "betonnen bloem der natie" zoals een D66-man denigrerend twitterde op het moment dat hij samen met Pechtold in de D66-bus Almere binnenreed om er zieltjes te gaan winnen, is momenteel een heet nationaal hangijzer. Dertig procent van de inwoners dreigt PVV te gaan stemmen, en aangezien slechts in Den Haag en Almere de PVV meedoet aan de gemeenteraadsverkiezingen, kunnen veel Nederlanders blijkbaar niet anders dan concluderen dat met name het jonge Almere niet alleen een koudbetonnen hart heeft maar ook een regelrechte poel des verderfs is.
"We moeten de stad met al die sukkels gewoon onder water zetten!" lees ik zelfs hier en daar. Mij lijkt dat nogal zonde. Ik woon er namelijk ook. En bovendien is mijn trap net geschilderd.
Citroen
25 februari 2010
Afgelopen zomer blogde ik erover, misschien weet u het nog: dat ik op een terras zat te eten met een vriendin, terwijl ze binnen in het restaurant de stofzuiger alvast aanzetten.
Daar was ik toen niet zo van gecharmeerd.
Bij hetzelfde restaurant, want dat kwam toevallig zo uit, heb ik gisteravond weer gegeten. Ik durfde het aan omdat het toch iets te koud was om buiten op het terras te zitten, en ik de gok wel durfde nemen dat ze niet zouden gaan stofzuigen terwijl de gasten binnen nog met hun maaltijd bezig waren.
Daarin kreeg ik gelijk. De stofzuiger hebben ze niet tevoorschijn gehaald. Maar wel... een emmer sop. Terwijl mijn vriendin en ik zaten te eten en praten begon men rond kwart over negen de toonbank, een stel tafels en stoelen, en vast nog andere dingen die ik niet gezien heb, te boenen dat het een lieve lust was. Ik at mijn tzatziki met de geur van citroensop in mijn neus.
Ik ga daar niet meer naar terug, dat mag duidelijk zijn.
"Dat had je moeten zeggen!" zei na de vorige keer een kennis die daar graag komt eten, toen hij mijn bezwaren op mijn weblog gelezen had. Maar waarom zou ik? In discussie raken met het personeel dat het kennelijk zo gewend is, en met een vervelend gevoel een avond afsluiten die nu gewoon gezellig was?
Nee, daar heb ik geen zin in. Soms wel en soms niet. Je hoeft mensen niet altijd op hun vermeende falen te wijzen of op jouw mening ergens over, soms kun je gewoon voor de consequenties gaan.
Laf
23 februari 2010
Dit had eigenlijk een blog moeten worden over het sexy leesbrilletje dat ik vandaag heb gekocht, maar waardoor ik, zo blijkt nu, toch minder goed kan zien dan ik hoopte. Wat ook wel weer goed nieuws is, want het betekent dat ik nog steeds geen bril nodig heb, al nader ik de bejaardengrens al aardig.
De lol daarover is me namelijk behoorlijk vergaan.
In een andere winkel, waar ik bij de kassa stond te wachten, sloeg de oude mevrouw die voor me in zo'n elektrisch invalidenwagentje zat, ineens de handen voor haar gezicht.
"Ze hebben mijn portemonnee gestolen!"
Haar tas was opengeritst, haar portemonnee was weg, ze kon niet of niet goed lopen, en ze was de vijfenzeventig zeker gepasseerd.
Mensen schoten te hulp, doorzochten het mandje aan haar stuur, misschien was de portemonnee ergens tussen geschoven, vroegen haar in haar jaszakken te kijken en gaven tips voor de volgende keer, vanuit machteloosheid.
"Die drie meiden!" zei ze maar steeds. "Ze leiden je af!" En ineens zei ze: "Mijn pasje zit erin, ik moet gauw naar de bank!" en ze reed hard de winkel uit.
Ik heb zo'n ontzettend smerige smaak in mijn mond. Ik voel plaatsvervangende schaamte voor die meiden die dit doen. Zo laf. Zo onmenselijk. Zo intens klein.
En ik schaam me voor mezelf, omdat ik niets deed, omdat ik niet wist wat ik doen moest. Omdat ik daar stond en me schaamde, omdat ik mijn portemonnee nog wel had, en omdat ik eigenlijk zin had om te huilen.
Koop
20 februari 2010
Het ergste is gewoon dat je het in je hoofd hebt. Als je eenmaal dat te gekke wat-dan-ook gezien hebt, zul je alles wat je daarna nog ziet afmeten aan dat wat je toch maar niet gekocht hebt, omdat... en vult u daar maar in.
Dat is misschien de verklaring voor het feit dat ik dit logje nu toch op een MacBook aan u zit te typen. Vanmiddag gekocht. Lang over getwijfeld. Nu blij mee.
Nadat ik kenbaar had gemaakt waar ik voor kwam zette de verkoper een bruinkartonnen doos zonder enige opdruk, die aan de de bovenzijde dichtgeplakt was met een strook plakband, op de toonbank. Hij printte de rekening.
"Eh meneer," zei ik. "Ik ga er wel vanuit dat in die doos een nieuwe MacBook zit, hè?"
Want je kunt wel zoveel willen verkopen, er wordt met mij niet geflauwekuld.
"Mevrouw," zei de meneer. "Wat denkt u nou, dat dit een doos is vol met appeltjes?"
"Nee. Maar het is wel een heel andere doos dan op internet," zei ik streng. Want ik kan u verzekeren dat ik serieus vergelijkend warenonderzoek gedaan heb. "Op internet was de doos wit, met het Apple-logo."
"Die witte doos zit hierin," zei de meneer, "deze bruine is voor uw eigen veiligheid, dan ziet niet iedereen wat u in uw hand heeft als u er zo mee over straat loopt." En hij ritste de doos open en liet me de inhoud zien.
"Nee, dan is het goed," zei ik waardig.
Zwangerschap
16 februari 2010
Van Aangeraakt wist ik het op een gegeven moment. In welk ritme het hartje klopte, hoe het voelde als het wild een been in mijn buikwand stak en ik een hand op mijn buik legde om het weer rustig te krijgen. Ik wist hoe het voelde om ervan wakker te liggen, om trots te zijn op groei, om er strontgenoeg van te hebben als het me misselijk maakte, om vol verwachting te zijn naar het moment waarop het in mijn en uw armen zou worden gelegd.
Ik bedacht een naam, zocht een geboortekaartje uit, at en leefde gezond en gedisciplineerd en gaf uiteindelijk ademloos toe aan de nesteldrang die erbij hoorde. De laatste hevige weeën... en daarna de beschuiten met muisjes.
Vijf maanden verder zijn we nu, en ik heb me weer laten bevruchten. En zoals elke ouder weet: de tweede keer is het net zo spannend als de eerste, maar dan om andere redenen. Zal ook dit kind gezond zijn, levensvatbaar? Zal het wel net zo'n leuk kind worden als dat eerste, dat je zo eigen is geworden? Wordt het een jongen of een meisje, met blond, bruin, zwart, rood of grijs haar? Zal het van jou houden? Hoe klinkt het?
Hoe ga je worden, kindje in wording?
Ik geef het toe: het valt niet mee. Maar wat een daverend mooi proces toch weer.
Praktijk
11 februari 2010
De afgelopen maanden, en dat eigenlijk wel elke winter, had u behoorlijk kunnen schrikken als u langs mijn huis zou zijn gelopen. U had een verwilderde vrouw kunnen passeren die kennelijk grote problemen had. Woest stond zij tegen haar kliko te trappen.
Dat kwam zeer regelmatig voor, enkele keren per week. Het ding een paar keer op de betontegels heen en weer laten hobbelen, laten vallen, nog een keer hard trappen, uitschelden... en jawel, het hielp altijd. Uiteindelijk won zij de oorlog, meestal pas nadat zij de gasbrander erbij gepakt had.
Deze winterfrustratie liet ik onlangs tussen neus en lippen door vallen, waarna de ander zei: "dan doe je toch gewoon een stokje tussen de bak en het deksel?"
...
Dat ik niet erg praktisch ben ingesteld, wist ik natuurlijk wel. Dat ik er na twee weken nog steeds zo euforisch over ben is wellicht wat overdreven.
Mensen. Echt. Als een zonnetje, terwijl het is zo koud is dat de mussen van het dak vriezen.